justmelivinginmyownworldoffantasie

Startspot.nl

Als startpagina - Bij je favorieten - Eigen startpagina

Dating

» Meer dating!

Aanmelden

Bekijk of de naam nog vrij is en registreer de naam:

.startspot.nl

Overzicht

Me

Me

Kzen dus Eline, kzen 17 n zit vol m fantasie.. Daarmee dak dees verhaal schrijf, jaah, ovr TH! (<33) Gwn leze zouk zo zegge..!!! Men netlog: Eline luft julli TH fans!! <33

1. Just My Life..

“Nora, opstaan!” “Ja, ik ben wakker!”.. “Klaarwakker” mompel ik tegen mezelf. Ik spring meteen uit mijn bed, en huppel naar de badkamer. Normaal zou ik nog een half uur in mijn bed blijven liggen en direct terug in slaap vallen, maar vandaag niet. Vandaag wil ik genieten van de week die me te wachten staat, ik wil genieten van de komende dagen. Ik zet de radio op Q-Music.”Maandag 2 april 2007, het nieuws van 7 uur” Ik laat het bad vollopen en doe men slaapkleed uit. Ik laat me langzaam in het warme water glijden om nog even te genieten van de rust en kalmte. Nog even ontspannen, opladen, zodat ik voldoende energie heb. Ik heb er zo lang naar uitgekeken. Eindelijk was het zover. Ik ga vandaag met men klas een week naar Duitsland! Hier heb ik lang op gewacht, 3 maanden om precies te zijn. En vandaag zal ik met de bus richting Duitsland vertrekken. Ik studeer namelijk al 3 jaar Secretariaat-Talen. Ik volg nu al 3 jaar Duits en hou er nog steeds van! Eigenlijk leer ik die taal al langer. Mijn overgrootvader heeft nog in Duitsland gewoond. Hij is verhuisd naar Duitsland toen hij 37 was. Hij houdt van dat land. Daar heeft hij mijn overgrootmoeder leren kennen. Zij heeft een Duitse nationaliteit en werkte in een supermarkt waar mijn opa dagelijks zijn inkopen deed. Het was liefde op het eerste gezicht bij hem en hij hoopte natuurlijk dat het wederzijds was. Hij raapte al zijn moed bijeen en vroeg haar mee uit, en van het n kwam het ander. Mijn overgrootouders zijn naar Belgi gekomen omdat de broer van men opa omgekomen was bij een ongeluk. Sindsdien zijn ze hier gebleven, maar elk jaar brengen ze nog bezoek aan zijn tweede thuis. Elke week ging ik bij hen langs om enkele woordjes te leren en te praten over de dagdagelijkse dingen. Je weet dus van wie ik die microbe heb overgekregen! Ik knijp in de fles shampoo, wrijf de shampoo in men handpalmen en verdeel de hoeveelheid in men haar, sproei de ingetrokken shampoo uit men haar zodat er niets meer van over blijft. “Nora, haast je of je gaat niet naar dat land” Men moeder begrijpt er niets van, mijn vader daarentegen begrijpt me volkomen. Men ouders zijn al 2 jaar gescheiden, sindsdien is niets meer hetzelfde. Hun ruzies gingen altijd over mij, nu nog. Mijn vader wou het beste voor mij, van hem mocht ik deze richting volgen, want hij wist dat ik graag talen leerde, dat ik graag communiceer met mensen uit andere landen, mensen die een andere cultuur hebben. Ik hou van reizen.. Maar van mijn moeder mocht ik natuurlijk niet. Ik mag niets van haar. Ik mocht, en mag nog altijd, mijn dromen niet waarmaken. Ze wou ook mijn studies niet betalen. Ik wou pers deze richting volgen, dus moest ik alles betalen. Mijn boeken, mijn schoolgerief, de rekening,… Ze begrijpt niet waarom ik zonodig Duits wou leren. Ze ziet hier geen toekomst in. Men moeder wil dan ook niets liever dat ik thuisblijf, dat ik niet vertrek naar Duitsland. Ze wou zelf deze reis niet betalen. Mijn vader heeft me geld gegeven om het te betalen, en nog wat extra om daar wat te kopen. Mijn moeder kon mij niet tegenhouden. Niemand kan mij tegenhouden. Het is mijn leven en ik doe nog altijd wat ik wil! Niemand heeft iets te zeggen over mij, ik doe altijd mijn zin. Het maakt niet uit wat de anderen ervan denken. Ik ben altijd al een plantrekker geweest. Vroeger liep ik veel weg van huis omdat mijn ouders altijd ruzie maakten. Ik wou mijn grenzen verkennen. Ik sliep soms buiten in de winter als het vroor. Ik ging naar een open plek waar ik naar de sterren kon kijken, en daar bleef ik dan de hele nacht. Ik wou zien hoever ik kon, hoeveel mijn lichaam kon verdragen. Soms hoopte ik dat ik te ver zou gaan, maar dit moment is zo te zien nog niet gekomen, aangezien ik hier voor mijn spiegel in men kamer sta, mezelf te keuren. Mijn helblauwe ogen, mijn zwarte haar dat in een lange bles voor mijn ogen hangt en reikt in laagjes tot net onder mijn schouders, met hier en daar blonde plukjes. Ik draag donkere make-up, heb zwarte nagels en heb kleren in verschillende stijlen. Mijn muziek trouwens ook. Ze variren van rock,punk en metal. Ik neem men zwarte skinny jeans, shirt van Bullet For My Valentine, men rood vestje en een riem met zwart-witte studs uit men kast. Nog zoiets waar men moeder een hekel aan heeft, en niet alleen men moeder, ook men stiefbroer en -zus, Bas en Sophie. Ze zijn beiden 18 jaar, een tweeling dus. Ja, je leest het goed. Stiefbroer en –zus. Men moeder heeft een nieuwe vriend en ik heb echt een hekel aan die vent. En volgens mij is het wederzijds. Ze hebben een hekel aan men smaak voor kleding en muziek. Ze aanvaarden me niet echt. Ik ben een abnormaal kind in hun ogen, die zich opsluit. Er is bijna nooit meer iemand thuis, ik moet zelf voor eten zorgen, zelf men kleren wassen,… ’S nachts komen mijn moeder en stiefvader, Bert, dan thuis. Ze gaan ’s avonds nog eens iets gaan drinken of op restaurant, en ik moet altijd thuisblijven. Tijdens het weekend ook, ik mag nooit eens uitgaan met mijn vrienden. Maar zoals ik al zei, zij kunnen mij nergens in tegenhouden. Ik sloop ’s nachts door mijn ruit met de hulp van een goede vriend, Michiel. Hij helpt mij vaak ontsnappen, om daarna uit te gaan of gewoon te gaan wandelen in het park. “Dzzzzz.. Dzzzzz..” Men gsm maakt een vibrerend geluid op men nachtkastje. ‘y Nora, ik vertrek nu, ben binnen 10 minuutjes bij jou. xx Jenna’ “Is het al zo laat?!” Ik ren de trap af, struikel bijna over mijn eigen voeten, loop naar de eetplaats en nam plaats aan tafel. Na 5 minuten was ik klaar met eten. Ik eet ’s morgens bijna niets of nooit. Ik hoor iemand op de deur kloppen. “Nora, het is uw vriendin” riep men moeder met zo’n verveeld toontje. Ja, ze vond zelf men vrienden niets. Ze hebben zo dezelfde stijl als mij. Jenna heeft mooie bruine ogen, is klein van gestalte en heeft zwart schouderlang haar met een bles voor haar ogen met hier en daar rode mchen. Jenna is men beste vriendin. Ik kan haar echt alles vertellen en hebben dan ook geen geheimen voor elkaar. 3 jaar geleden kwam ik als nieuwe leerling in de klas van Jenna terecht. Toen verliep alles nog goed. Mijn ouders waren nog samen. We verhuisden voor mijn vader zijn werk, dus moest ik naar een andere school. Het deed me niets toen ik alles achterliet. Ik woonde daar al heel mijn jeugd, maar sprak er met niemand. Ik was iemand die alles voor zich hield, alles opkropte. Toen ik die klas binnenkwam was ik nog altijd zo, maar Jenna heeft daar verandering in gebracht. Zij heeft me leren praten over dingen in het leven, dat je niet alles voor jezelf moest houden. Ze zei dat als ik zo verder bleef leven dat ik in een zware depressie zou geraken en er niet meer uit zal komen. Jenna is mijn enige meisjesvriend dat ik heb, de andere zijn allemaal jongensvrienden. Ik weet niet, maar ik kan veel beter overweg met jongens. “Hy Nora! En klaar voor d week?” Ze geeft me een zoen op men rechterwang. “Ja natuurlijk, wat dacht je. Ik heb vannacht geen oog dichtgedaan.” Ik neem men valies en rol ze over de keitjes naar de koffer van de auto van Jenna’s vader. Ik zie Jenna’s ouders voor een deel als mijn eigen ouders. Ik blijf vaak bij Jenna slapen. Hl vaak. Ik liep veel weg van huis, en de enige plaats waar ik terecht kon was bij mijn jongensvrienden of Jenna. Jenna’s huis is een tweede thuis voor mij. De ouders van Jenna accepteren mij zoals ik ben, net zoals ze Jenna accepteren. Ik kan ook goed praten met haar moeder, Mia. Ze kan goed luisteren en geeft goede raad. Ik heb al veel van haar geleerd, zelfs meer van haar dan van mijn eigen moeder, Anna. Mia was psychologe. Ik bewonder die vrouw echt. Elke dag naar nieuwe problemen luisteren en goede raad geven, elke werkdag opnieuw. Dt zou echt niets voor mij zijn! “Wacht, ik zal je helpen” Jenna’s vader is een lieve, maar strenge en rechtvaardige man. Peter is advocaat. Mia en Peter hadden beiden een goed betaalde job, ze wonen in een villa en hebben een vakantiehuis in Duitsland. “Dank je!” Ik nam plaats op de achterbank naast Jenna. Tijdens de rit giechelen, lachen en fantaseren we over de komende week, wat ons te wachten staat. Na een rit van 15 minuten kwamen we aan de schoolpoort aan. “Ziezo dames, jullie koffers. Een prettige reis en geniet er maar van.” “Dag pap.” “Dag Peter.” Ik geef hem nog een zoen en ik en Jenna nemen onze koffers en wandelen naar onze vrienden. Daar staan ze, onze 4 beste vrienden. Robin, Michiel, Dieter en Enrique. Dieter is de kleinste. Hij heeft kort bruin haar dat altijd wild ligt. Ik groet hem altijd door met mijn handen in zijn haar te wrijven en het nog wilder te leggen. Dieter is een echte skater, en hij kan het echt goed. Hij droomt ervan om een beroemde skater te worden. Zijn grote voorbeeld is Tony Hawk. Als we op de Playstation spelen, kiest hij natuurlijk voor deze skater. Hij wint altijd, bijna altijd. Ik zelf heb hem 1 keer verslagen. Robin is de grootste van ons groepje. Met zijn bruin schouderlang haar ziet hij eruit als een echte rocker. Zelf speelt hij ook gitaar. Hij is verzot op dit instrument, net als ik. Toen ik hem heb leren kennen, 3 jaar geleden, heeft hij mij priv-lessen gegeven. Ik was nog maar net begonnen met het spelen van het instrument. Ik probeerde op mijn eentje liedjes na te bootsen, maar dat lukte niet al te goed dus schoot hij mij te hulp. Michiel is de grootste flirter van onze gang. Hij kan elk meisje krijgen. Er hebben al honderden meisjes geprobeerd via mij of Jenna in contact te komen met hem, maar hijzelf toont er niet echt veel interesse in. Hij heeft nog niet veel vriendinnen gehad omdat die meisjes niet meer willen dan alleen maar met hem in bed duiken omdat hij zo knap is. Die soort grieten houden een wedstrijdje onder elkaar wie wie wl en niet kan krijgen. Maar Michiel is niet zo’n type om met de eerste de beste meid in bed te duiken. Hij houd wl van flirten, maar daar blijft het bij. Hij is degene die me ’s nachts komt helpen om uit het raam te kruipen en zijn nog nooit gesnapt geweest. Als laatste, Enrique, hij is van Italiaanse afkomst. Zijn ouders hebben in Itali gewoond, maar zijn verhuisd naar Belgi toen Enrique 8 jaar was. Zijn vader kreeg een aanbieding om hier in ons klein landje te komen werken en heeft de job aangenomen. Enrique is best wel een verlegen jongen, maar hij is echt heel lief en gevoelig. Ik kan goede gesprekken met hem voeren, ook diepe gesprekken. Ik breng dan ook veel tijd met hem door en ga soms bij hem thuis slapen. Hij heeft echt een mooie bruine en zachte huid. Een huid waar veel meisjes, en zelfs jongens, jaloers op zijn. Zijn hobby is kickbox. Zijn moeder vind de sport maar niets, maar zijn vader komt altijd supporteren bij wedstrijden en steunt hem volledig. Met onze bende komen we hem ook supporteren, en ik moet toegeven, hij is cht wel goed. Enrique heeft me enkele kneepjes van het vak geleerd. Ik kan mezelf verdedigen en dat is al eens goed van pas gekomen. 2 maand geleden liep ik alleen over straat en werd lastiggevallen door een gast die dacht dat ik op zijn aanbod ging ingaan, maar hij had het mooi verkeerd. Hij had dat beter niet gedaan want hij mocht de gevolgen ervan dragen. “Hy schoonheid!” “hy macho” schiet ik terug naar Michiel. Ik geef iedereen een kus op de wang. Bij Enrique blijf ik iets langer plakken, letterlijk. Ik heb soms nood aan een knuffel en Enrique ook, dus hij is hier de geschikte persoon voor. “Hey Beauty, alles goed.” “Ja.” “Niet te veel ruzie gehad met je moeder deze morgen?” vraagt Enrique. “Nee, ik heb haar zoveel mogelijk geprobeerd te ontwijken.” “Goedemorgen jongens en meisjes, jullie mogen de koffers in de bussen leggen en plaats nemen binnenin.” Onze leraar Duits is echt wel knap. Veel meisjes proberen dan ook in een goed blaadje te staan bij hem. Ze doen er echt alles voor om op te vallen. Maar hijzelf schenkt daar niet veel aandacht aan, integendeel. Hij negeert de opmerkingen die ze soms maken over zijn gespierd lichaam. Ik leg mijn valies in de ruime bergplaats onderaan de bus en volg dan men vrienden naar de achterbank van de bus.***We lopen binnen in het klein, maar gezellig en mooi hotel. Het hotel is gelegen in Berlijn. “Ok, jullie slapen in kamers van 2. Hier zijn de sleutels. Er slapen geen jongens en meisjes samen. Ik wil niet dat ik binnen 9 maanden les moet geven aan alleen de jongens. Ik kom jullie wakker maken om 7 uur zodat jullie tijd genoeg hebben om je klaar te maken om om 8 uur aan de ontbijttafel plaats kunnen nemen. ’S Middags hebben jullie 1.30h de tijd om te eten waar je wil. De plaats om dan terug te verzamelen word dan besproken. Om 17h zijn we terug in het hotel nadat we verschillende musea, plaatsen en monumenten bezocht hebben. Jullie mogen dan plaats nemen aan tafel om 18h voor het avondeten. Daarna mag je de buurt verkennen en rondlopen in de stad. Ik wil dat jullie dan om 22.30h terug in het hotel zijn en de lichten worden gedoofd om 23h. Het zou een geslaagde week worden moesten jullie je aan deze afspraken houden. Ok?! Wie zich niet aan deze afspraken kan houden kan met de eerste trein terug naar Belgi vertrekken. Ga nu maar naar jullie kamer en installeer je maar. Ik zie jullie binnen een uur hier terug.” Jenna neemt de sleutel van onze kamer. “Kamer 66 op de tweede verdieping. Ik hoop dat het een kamer met balkon is!!” huppelt ze spastisch. We stappen in de lift. Onze vier vrienden nemen ook plaats in de lift. Michiel en Robin slapen op kamer 65 en Dieter en Enrique op kamer 67. Het zijn beiden kamers naast de onze. We komen aan op onze etage en de liftdeuren openen zich. De gang is nog tamelijk groot. Jenna opent de deur en stormt naar binnen. Ze laat haar valies op de grond vallen en ploft op het bed het dichtst bij de deur. Ik laat me vallen op het bed bij de raam. Ik staar naar het plafond. Ik sluit mijn ogen en geniet even van de rust in de kamer. “AAAAAAHHHHH!” Ik schrik me te pletter en zet me uit reflex recht. Wat was dat? Ik zie hoe Jenna de raamdeur opent en op het balkon loopt. “Dit word een zalige week!!” Jenna loopt naar mij toe en laat zich, nogal lomp, op mij vallen. Ze kijkt me aan. “Beloof me dat wij hier avonturen gaan beleven en gewoon gaan genieten van deze week.” Ik glimlach en zet me recht. “Jij en ik! Beloofd” Bij deze woorden zwiert ze haar armen om haar heen. Als ze dit doet komt het nooit goed. Ik probeer me zo laag mogelijk op het bed te leggen zodat ik geen elleboog ofzo in men gezicht krijg. Ze heeft me zo ooit eens een blauw oog geslagen. Maar deze keer ging ze me niet liggen hebben! Ik wil niet voor de tweede keer met zo’n oog over straat lopen! Ik spring vliegensvlug uit de buurt van Jenna en loop het balkon op. Ik neem plaats op de ligstoel buiten en geniet van de zon die uit het oosten rees.

2. Love At The First Time.

We zitten met zen allen op de kamer van Robin en Michiel. Tussen onze drie kamers zijn er binnendeuren genstalleerd zodat we door de drie kamers konden wandelen. Het is 12.10h. We lopen al lachend naar de plaats waar we moesten afspreken. “Eindelijk, jullie zijn er.” “Ja, sorry, maar ik en Nora moesten nog iets regelen op men kamer.” Bij deze woorden begon Michiel zo’n jeweetwel grijns op te zetten. Ik onderbreek zijn woorden door Michiel een stamp in zijn onderbuik te geven zodat hij ineen kruipt. “In Your Dreams, Player!” Die slag had ik van Enrique geleerd. “Geen verdere details Michiel. Jullie mogen naar het restaurant gaan en aanschuiven om je eten te halen. Jullie mogen zoveel nemen zoals jullie willen, maar ook niet overdrijven. Jullie moeten deze week nog veel wandelen.” We zitten met zen zessen aan een tafel. Het eten hier is echt heerlijk! Ik hou van pastas! Pizza, spaghetti, paella,… We zitten zoals altijd te gieren om de fratsen van Michiel en Robin. Behalve Enrique. Hij zit er een beetje sip bij. Ik zal hem straks even apart nemen om te vragen wat er op zen maag ligt. Want moest ik het hier aan tafel vragen, en het was iets persoonlijks zou iedereen er meer vragen over stellen. En ik weet dat Enrique het daarmee lastig heeft. We ruimen onze tafel af en slenteren naar onze kamers om ons rugzak mee te nemen omdat we enkele plaatsen gingen bezoeken. Ik neem men zwart-rode rugzak. “Jenna, ik ga nog even naar de kamer van Enrique en Dieter h.” “Ok.” riep ze vanuit de badkamer. Jenna besteed veel tijd door in de badkamer. Ze komt nooit haar huis uit als ze niet is opgemaakt. Ik besteed daar niet veel tijd aan. Met mijn oogpotlood heb ik voldoende. Af en toe wat oogschaduw, maar dat was zelden. Ik klop aan op de deur van kamer 67. Ik hoor gestommel en Enrique kwam opendoen. “Hy. Kom binnen.” “Is Dieter hier ook?” “Neen, die is even naar Michiel. Waarom toch? Heb je hem nodig?” “Neen, ik heb jou nodig.” Ik viel meteen met de deur in huis. Ik wou er geen doekjes om winden en gewoon vragen wat er aan de hand was. “Wat is er Nora?” “Ik heb zo het gevoel dat, sinds je hier bent, niet echt blij bent. In de kamer van de andere jongens was je stil en daarnet aan tafel ook. Is er iets?” “Nee, er is niets hoor.” Natuurlijk was er iets. Ik zie het aan zijn ogen. Zijn ogen vertelen alles. Hij kon nooit iets verzwijgen voor mij. “Enrique?” Hij zet zich op zijn bed en ik plof me naast hem. “Ik kan ook niets voor je achterhouden h.” En hij wrijft met zen rechterhand door men haar. Hij glimlacht, maar toch kon ik zien dat er nog altijd knaagt achter die mooie glimlach van hem. Hij heeft echt mooi witte en verzorgde tanden. “Ik moet gewoon nog wat wennen aan de nieuwe omgeving en ik mis vooral men vriendin.” Isabel heette ze, Isa voor de vrienden. Ze zijn nog maar 2 weken samen, maar ik zie dat het wel nog een tijdje zal duren. Het is zo’n mooi koppel. Ik zwier men armen rond hem en geef een knuffel. Op dit moment heeft hij iemand nodig die veel voor hem betekend. Zo blijven we even zitten. Zonder woorden, gewoon weten dat degene die bij je zit je graag heeft. Ik laat hem los en hij glimlacht zacht. “Dank je meid!” Hij geeft een zacht kusje op mijn wang. “Hy, ik ben er voor je, dat weet je. En als je over iets wil praten, moet je me maar bellen of een smsje sturen en ik sta binnen de 3 seconden aan je deur.” Dieter komt binnen gestormd. Het is tijd om te vertrekken.*** We lopen nu al 3 uur rond in Duitsland en hebben alleen nog maar van oninteressante monumenten bezocht. Ik heb me deze trip toch heel anders voorgesteld. “Ok, nu heb ik tijd in een spelletje en ik hoop dat jullie meedoen. Ik heb namelijk enkele kaarten mee van de stad. Jullie moeten namelijk in groepjes van 3 je weg weten te vinden terug naar het hotel. De route is 2.5 kilometer. Zo kunnen jullie je beentjes eens strekken en hetgeen er terug aflopen wat jullie daarnet hebben binnengespeeld.” Hij ook altijd met zijn flauwe grapjes. Ons groepje van 6 konden we goed verdelen. Ik, Jenna en Enrique vormen een groepje en de andere het ander groepje. We worden om beurt van de bus gedropt en moeten dan aan de hand van de kaart onze weg naar het hotel vinden. Als we de weg helemaal kwijt zijn mogen we natuurlijk mensen onderweg aanspreken en aan hen uitleg vragen. Dat is niet echt nodig. Ik, Jenna en de andere jongens zitten namelijk in de chiro, dus daarvan. We zijn al een dik half uur onderweg en nog geen halve kilometer verder dan onze vertrekplaats. Dit komt omdat we al veel winkels tegengekomen waar ik zeker een kijkje wou nemen. Maar het lag ook wat aan de kaart, hij is niet echt zo duidelijk. We denken dat we verdwaald zijn omdat we de straatnamen niet op onze kaart terugvonden. We moeten het aan iemand vragen. We kijken in het rond en zochten een persoon waarvan we denken dat hij wel even tijd had. Ik kijk achter me en mijn ogen zien iets wat ze nog nooit gezien hadden. Ik kijk naar de persoon met mooie bruine kijkers. De jongen valt me meteen op uit de mensenmassa. Hij heeft zwart haar met blonde plukjes dat recht staat en naar alle kanten springt, net alsof hij gelektrocuteerd is. Zijn ogen zijn gesierd met zwarte oogschaduw en zwart oogpotlood, wat men niet meteen verwacht van een jongen. Men zou wel denken dat hij een meisje is, maar ik ben er zeker van van niet. Hij is aan het praten met een brede man met een bril. De brede man loopt behoorlijk dicht bij die jongen, precies of die man hem beschermt. Ik ben nog altijd aan het staren en volgens mij voelt hij mijn ogen branden want hij kijkt in mijn richting. Hij ziet mij en vond mijn ogen. Hij blijft naar mij kijken en ik voel me helemaal warm worden vanbinnen. Wat gebeurt er met mij? Terwijl hij naar me kijk is het alsof ik op wolkjes loop. Ik glimlach lief naar hem. Hij lacht terug. Ik voel mijn hart kloppen in mijn keel. Wat is er met me aan de hand? Normaal doet het me niets als een jongen naar me kijkt. Maar ik voel het binnen me helemaal warm worden en tintelen. Hij komt naar me toegelopen. Ohnee, die komt toch niet naar mij? Wat moet ik zeggen? Ik voel hoe iemand me aan men arm met zich mee trok. Jenna en Enrique hebben de weg al terug gevonden. “Komaan Nora, we moeten ons haasten, straks zijn we te laat voor het avondeten. De kaart die we gekregen hebben is een heel oude kaart en de straten zijn sindsdien veranderd. We zijn nu 3 kilometer verwijderd van het hotel en het is 3 uur.” Ik kijk nog even achterom en zie de teleurstelling in zijn ogen.***Ik loop achter Jenna en Enrique aan. Ik ben er niet echt met mijn gedachten bij. Wie was die jongen toch? Wat doet hij met mij? Ik blijf maar denken aan die jongen. Ik kan hem maar niet uit mijn gedachten halen. Mijn ogen vallen plots op een etalage van een winkel genaamd tadzuma. Ik zie een mooi kleedje achter de ruit hangen. Ik verlies mijn evenwicht toen er mij iemand een stomp geeft. “Wat sta jij hier te doen, Nora? We moeten ons haasten, remember?” ik zei niets en bleef maar kijken naar het prachtige kleedje. Het is een zwart zomers kort kleedje. Het zou me perfect staan. Ik beeld het me in. Dat ik in de zomer over het strand met dt kleedje loop. Ik denk dat ik daar wel 5 minuten aan die ruit ben blijven staren. Ik besefte opeens dat Jenna en Enrique er niet meer zijn. Wat! Waar zijn ze? Ik kijk in het rond, maar vind hen niet. Hoe halen ze het in hun hoofd om mij hier gewoon achter te laten? Wat moet ik nu doen? Ik heb niet eens een kaart om de weg terug te vinden. Ok, het is misschien geen goede kaart, maar het kon toch een beetje helpen? Ik stap maar naar enkele mensen toe om de weg te vragen “Excuseer mevrouw dat ik stoor, maar ik zoek het hotel Berlin Plaza Hotel. Kan u-” De vrouw kijkt me vies aan en loopt gewoon door. Wat heb ik nu verkeerd gezegd? Niets dus! Ik blijf proberen, maar niemand heeft tijd om te antwoorden. Ok, het is maandag en iedereen moet inkopen doen of is bezig met hun werk, maar kon er nu geen 2 minuten van hun tijd af? Zo druktemakers! Ik slenter dan maar verder op de hoop dat ik op de goede baan zit. Ik loop naar een mooie fontein in het midden van een groot plein. Ik zet mij op de rand van de fontein en kijk in het rond. Berlijn is toch zo’n mooie stad. Ik ben blij dat ik het geld van mijn vader heb gekregen, anders zou ik dit nu niet meer meemaken. Ik, hier op een plein in Duitsland en kunnen genieten van de rust en kalmte die er heerst. Oude mensen op bankjes, ouders met hun kleine kindjes die huppelen, voetbalen, … Hier hou ik van. Mensen die genieten van hun leven en niet alleen leven om te werken. Ik steek mijn hand in het frisse water. Het frisse water doet mijn hele lichaam rillen. Ik haal men hand er vlug terug uit. Er vormen kleine kringetjes op de plaats waar ik mijn hand heb uitgehaald. Die kringen worden alsmaar groter en groter tot ze verdwijnen. Dat is net zo in het leven. Je hecht je vast aan iemand die je graag hebt. Wanneer je van iets of iemand een beetje afstand doet, verdwijnen ze voorgoed uit je leven. Mijn vorige vriend waar ik 2 jaar geleden verkering mee had is 4 jaar ouder dan mij, maar hij was heel lief voor mij. Ik was 14 en hij 18. We waren 3 maand samen en we waren nog niet verder gegaan dan gewoon kussen. Mijn 4 jaar oudere vriend wou natuurlijk meer maar ik was daar nog helemaal niet klaar voor. Op een avond waren wij alleen samen bij hem thuis. Hij nam me mee naar zijn kamer. Hij plofte zich op zijn bed en trok me aan men pols naar zich toe zodat ik naast hem kwam liggen. Hij kuste me lief in men nek en dan raakten we verwikkeld in een lange, zachte tongzoen. Ik voelde mij op men gemak, maar dat was van korte duur. Hij liet zen hand naar mijn heup glijden en ik voelde hoe zijn hand onder mijn shirt verdween. Mijn hele lichaam was bedekt met kleine bolletjes. Ik duwde hem van me af, maar hij wou me maar niet loslaten. Ik stompte hem in zijn maag en hij kromp ineen. Ik zag nog hoe hij naar mij uithaalde en hij sloeg mij in men gezicht. Hij verontschuldigde zich en ik vergaf hem. Maar bij die ene keer bleef het niet. Hij sloeg me meer en meer en telkens harder. Ik wou niet weg gaan bij hem want ik zag hem graag. Hij zei ook dat hij mij graag zag, maar telkens sloeg hij me weer. Ik kon het niet meer aan en ik liep naar Jenna om mij hart uit te luchten. Zij heeft me naar de spoedafdeling gebracht omdat ik vol blauwe plekken stond, want het bleef niet bij slaan. Ik moest enkele dagen in het ziekenhuis liggen zodat het goed kon genezen, want ik kon met moeite blijven staan zonder dat ik het uitschreeuwde van de pijn. Sindsdien heb ik niets meer van hem gehoord. Ik wou niets meer van hem horen, hij had mij echt gekwetst. Ik zei alsmaar dat het toch mijn schuld is omdat ik niet vroeger naar de politie ben gestapt. Het was mijn eigen schuld. Ik pinkte een traan weg. Ik voelde plots een warme hand op mijn bovenarm. Ik kijk op en bezwijk voor de tweede keer in die mooie bruine kijkers van die jongen, die jongen waar ik een warm gevoel van krijg. De jongen die naar mij toestapte, maar het moment werd onderbroken door Jenna. Hij kijkt me bezorgd aan. “Hallo” het bleef even stil. “Hy” zei ik zachtjes. “Gaat alles wel goed?” “Ja , prima.” Ik keijk naar de grond zodat hij niet zou zien dat ik enkele tranen heb gelaten. Ik voel hoe zijn hand dichter bij mijn wang komt. Ik voel hoe zijn vinger een traan weghaalt die een baan zoekt naar mijn kin. Ik ril door de aanraking. Hij haalt mijn traan weg, mijn verdriet. Hij heeft zo zachte handen. “Het is niks hoor, ik red me wel.” Ik kijk hem aan. Zo blijven we enkele minuten zitten. Gewoon naar elkaar kijkend. Ik zag in zijn ogen dat hij mij niet gelooft, maar ik kan het toch moeilijk gaan vertellen aan hem? Ik kan toch moeilijk gaan vertellen dat Jonas me pijn heeft gedaan? Dat ik niet gewenst ben voor mijn moeder? Dat ik een hekel heb aan mijn stiefvader en zijn kinderen? Ik ken hem niet, en hij mij ook niet. “Ik ben Bill.” Hij glimlacht voorzichtig. Hij kijkt me wachtend aan. Waarschijnlijk verwacht hij dat ik ook mijn naam aan hem zou toevertrouwen. Zijn lippen zijn mooi gevormd. Hij heeft echt zo van die lippen om te kussen. Onder zijn onderlip had hij zo een klein bruin vlekje dat zijn gezicht vervolmaakt. In zijn rechterwenkbrauw heeft hij een piercing. Hij heeft er ook n in zijn tong, dat heb ik opgemerkt toen hij met me praatte. Mijn ex heeft ook een tongpiercing. Ik voel de tranen terug opkomen. Ik moet hier weg, ik wil niet dat hij mij zo ziet, ik moet alleen zijn. “Ik moet gaan, sorry” Ik sta op en wandel weg. Weg van men verdriet. Weg van de pijn die mijn ex, Jonas, mij heeft aangedaan. Ik haat hem. Ik haat hem dat hij zei dat hij van mij hield. Ik wandel door de straten en kwam uit aan een park. Ik plaats me op het gras voor het klein vijvertje. Door de ogen van Bill: Ik voel me helemaal warm worden. Wie is dat meisje? Ze is me meteen opgevallen uit al die andere meisjes die niet naar me toe durfden komen om een handtekening te vragen omdat Saki bij me loopt. Saki is men bodyguard. Die heb ik de laatste tijd echt wel nodig aangezien ik niet meer in Duitsland kon rondlopen door al die gillende meiden. Het is moeilijk geworden voor mij om gewoon naar een meisje toe te stappen en haar aan te spreken. Maar vandaag zou ik een uitzondering maken. Ik wil het meisje aanspreken. Ik vertel Saki dat ik even weg moet en dat hij maar al naar de studio moet gaan. “Maar Bill, wat da-“ “Ik kan me heus wel redden Saki, ga maar al.” “Ok, wees wel voorzichtig! Al die hysterische meiden kunnen wel eens je dood veroorzaken. Ze zouden alles doen om je aan te kunnen raken!”. En hij vertrok. Ik kijk de andere kant op en zag haar staan. Volgens mij beseft ze dat ik aan het staren was en kijkt naar me. Ik word helemaal warm toen ze haar mooiste glimlach bovenhaalde en lief naar me lacht. Ik lachte dan maar terug. Ik riep al mijn moed bijeen en stap langzaam naar haar. Ik sta nu bijna voor haar. Mijn hart klopt razendsnel. Het was precies of ik een hartaanval zou krijgen. Net of ik een marathon gelopen had. Ik open mijn mond om haar aan te spreken maar dat werd onderbroken toen het meisje waar ze bij liep haar meetrok. Daar gaat mijn kans. Het meisje waarvoor mijn hart sneller slaat kijkt nog eens om. Ik kijk haar nog even aan en zij draait zich om. Ze keek in mijn ogen. Ze heeft echt van die mooie helblauwe ogen om in weg te dromen. Maar die ogen glinsteren minder dan toen ze naar me lachte. Ik zie in haar ogen dat ze teleurgesteld is, net als ik. Wat moet ik nu doen? Moet ik haar nu laten gaan? Moet ik het meisje waarvan ik denk dat ze ht meisje is waar ik al zo lang op zit te wachten zomaar door mijn vingers laten glippen? Dit gevoel heb ik al 2 jaar niet meer gehad. Ik kan haar toch niet zo laten gaan? Ik besluit haar te achtervolgen. Overal rond mij hoor ik tierende meiden, maar ik keek niet om. Ze kunnen me gestolen worden. Het enige waar ik oog voor heb is het meisje met die mooie blauwe ogen. Ze loopt op een afstand van haar vrienden. Haar vrienden houden een kaart vast en spreken enkele mensen aan. Ze zijn naar iets op zoek, maar naar wat? Zijn ze niet van hier? Zijn ze niet van Duitsland? Maar als ze niet van Duitsland komen, kennen ze wel nog goed Duits. Het meisje waar mijn hart sneller voor ging slaan houd halt aan de tadzuma. Ik hou ook halt en bewonder haar. Haar vrienden hebben het niet gemerkt dat ze blijft staan, want die lopen gewoon door. Ze blijft daar enkele minuten voor zich uit kijken in de etalage. Ik zie haar ogen glijden over een kledingstuk. Het is een zwart kleedje. Het is een mooi zwart kleedje met dunne spaghettibandjes en een diepe decollet. Het zou haar beeldig staan. Ze draait zich om alsof ze voelt dat er iemands ogen in haar rug branden. Niet dus. Ze beseft dat haar vrienden er niet meer zijn. Ze kijkt in het rond, maar vind de vertrouwde gedaantes niet terug. Ze probeert dan maar de weg te vragen aan Duitsers die aan het snelwandelen zijn. Als ik het goed verstond vraagt ze de weg naar het Berlin Plaza Hotel. Dat is nog zo’n 2,5 kilometer hier vandaan. Hoe zou zij daar te voet geraken? Ik zie hoe de mensen die ze aansprak haar gewoon negeren en doorlopen. Aan haar houding te zien gaf ze de moed op en ze slentert dan maar door de straten. Ik volg haar nog altijd. Ik moet en ik zal haar beter leren kennen. We kwamen aan een fontein. Ze neemt plaats aan de rand ervan en steekt haar hand in het water. Aan haar doeningen was het water best fris. Ik blijf maar staren naar haar en merk op hoe een traan een weg zoekt naar haar kin en op de harde grond valt. Wat is er met haar? Is ze verdrietig omdat ze haar vrienden niet terug vind? Of omdat ze verdwaald is? Ik kan het niet aanzien dat zo’n mooi meisje verdriet heeft en stap naar haar toe. Ik leg mijn hand zachtjes op haar arm. Ze kijkt op. De glinsteringen in haar ogen waren verdwenen. Ze kijkt rap weg. Aan haar doeningen zie ik dat ze niet wil dat ik zie hoe ze stilletjes gehuild heeft. Haar ogen laten een nieuwe traan los. Ik reik met mijn vingers naar een traan die opnieuw een weg zoekt om op die harde grond te vallen. Ik neem de traan voorzichtig weg. Ik voel hoe ze trilde. Ik vraag haar wat er scheelt maar ze zei dat er niets was. Ik geloof haar niet. Ze huilt om een reden. Om een reden die ze niet zomaar zou toevertrouwen aan een vreemde. Ik begin maar met mij voor te stellen. Ik bekijk haar wachtend aan tot ze haar naam aan mij zou toevertrouwen, maar dat doet ze niet. “Sorry, ik moet gaan.” zei ze. En ze loopt weg. Ik bekijk haar wankelende lichaam achterna en zie haar mooie lichaam verdwijnen achter de hoek. Wat was dat nu? Waarom loopt ze van me weg? Heb ik iets verkeerd gezegd? Wou ze me niet leren kennen? Of wou ze gewoon even alleen zijn? Ik voel mijn gsm trillen in mijn broekzak. Tom zijn naam verschijnt op het schermpje van men gsm. “Ja Tom?” “Sg, waar ben je? We wachten hier al meer dan een uur op je.” “Sorry Tom, maar ik ben bijna aan het hotel. Kan je zeggen tegen David dat ik me niet zo goed voel en dat ik naar het hotel ben?” “Bill, wat scheelt er?” “Ik zal het je wel uitleggen als je in het hotel bent.” “Ok, ojaa, Bill, David zegt da-“ Ik breek zijn woorden af door op het rode telefoontje te drukken op mijn gsm. Ik wil even alleen zijn. Het meisje waarvan ik dacht, nee weet dat ze ht meisje is waarop ik zolang heb gewacht, is zomaar aan me voorbij gevlogen. Toen ze om de hoek was verdwenen, besefte ik dat ik ze nooit meer zou zien. Bij die gedachte loop ik naar het hotel waar we verbleven. Ik kom aan in het hotel. Ik slenter naar mijn kamer en laat me op mijn bed vallen. Wat moet ik nu doen? Wie weet gaat dat meisje terug naar haar thuis en zie ik ze nooit meer terug. Ik laat alle moed zakken. “Ik zal nooit meer verliefd kunnen worden.”Mompel ik in mezelf. Met deze gedachte sta ik op en open de deur om naar het balkon te gaan. Er blies een frisse wind in mijn gezicht. Het is best nog koud. Njaa, wat wil je, we zijn nog maar April. Ik heb echt een mooi uitzicht vanuit mijn kamer. Vanuit mijn kamer heb ik zicht op het zwembad van het hotel en een parkje. Mijn ogen glijden van het parkje naar het zwembad en terug naar het parkje. Mijn ogen merken een gedaante op op het grasveld bij het meertje. Mijn hart slaat voor de zoveelste maal vandaag sneller en sneller. Het enige meisje waar mijn hart sneller voor slaat ligt neer aan het meertje. Ze ligt neer in het gras met dit koude weer met alleen maar een shirt aan. Ik sta buiten op mijn balkon in mijn vestje en heb nog koud. Hoe koud moet zij dan niet hebben. Ik wil naar haar toe gaan, maar mijn voeten blijven staan. Ik kan het niet. Ze wil even alleen zijn. Ze moet even alles op een rijtje zetten. Ik zag het in haar ogen toen ze opstond en vertrok. En ik die dacht dat ik ze nooit meer zou zien. Als ze daar binnen een uur nog ligt, zal ik naar haar toe gaan. *** Ik open mijn ogen en kroop langzaam uit het beslapen bed. Ik ben in slaap gevallen, denk ik. Ik ben dan ook zo moe! We hebben met de band de laatste tijd niet echt veel vrije tijd gekregen van onze manager. Altijd maar die verdomde interviews met de onorigineelste vragen die men maar kan bedenken. Altijd komen ze met dezelfde af. Ik open het gordijn dat aan de balkondeur hang ten zie het meisje nog altijd liggen in het gras op dezelfde plaats waar ik haar een paar uur geleden had opgemerkt. Net als een dood lichaam ligt ze daar bewegingsloos in het gras. Ik doe men jas aan en neem een dekentje mee. Ik wil naar haar toe gaan, haar troosten, naar haar luisteren, haar verdriet wegnemen. Maar dat idee werd verstoord door geklop op men deur. “Bill?! Ben je daar?” Wat doet die hier nu weer? Ik doe men jas uit en smijt het dekentje terug op de plaats van waar ik het genomen had. Ik slenter naar de deur en open ze. “Aaaah, eindelijk!” Tom loopt men kamer binnen en ploft zich in de tweepersoonszetel naast men bed. “Zeg nu, waarom kon je niet komen?” “Ik heb het toch gezegd, ik voel me niet zo goed.” Ik neem plaats op men bed. “Yeah right! Bill, je weet dat je niets voor mij kan verzwijgen!” Ja, dat is waar. We zijn tweelingbroers, hoe kan het anders. Ik kan echt niets voor hem verzwijgen, maar hij ook niet. Tom is 10 minuten ouder dan mij, maar dat wil niet zeggen dat hij zich ook zo gedraagt. Tom heeft van zijn 9 jaar de dreadlocks en is een echte lady-killer. Hij heeft bijna nog geen lange relaties gehad als je begrijpt wat ik bedoel. Hij houdt van meisjes voor n nacht. Ik daarentegen hou niet van one-nightstand. Ik heb al enkele korte relaties gehad omdat ik na een paar dagen of weken besef dat ze niet de ware voor me is. Maar de laatste 2 jaar is het moeilijker geworden voor mij om een meisje te ontmoeten die niet achter men geld zit of alleen maar van me houd omdat ik in een bekende band zit, een bekende band in Duitsland. Ik word uit men gedachten gehaald daar knippende vingers voor men ogen. “Aarde aan Bill. Zeg nu wat er aan de hand is.” Ik zucht en trek hem mee het balkon op. “Daar aan het meertje in het park.” Ik wijs naar het meisje dat daar zo alleen lag, nog altijd op dezelfde plek in dezelfde houding. “Het meisje?! Wat is ermee?” Ik vertel hem het hele gebeuren sinds deze middag dat ik haar voor het eerst zag. Dat ik voor het eerst in men leven zoveel moeite wil doen om een meisje te leren kennen. Dat ze daar al meer dan 5 uur zo ligt in die helse kou. “Waarom ga je er nu niet naartoe?” “Ik wou net vertrekken toen jij aankwam.” Hij geeft me een duw op men schouder. “All, ga nu. Grijp je kans broertje!” Ik glimlach en neem men jas uit de kast. Ik open de deur en werd terug naar binnen geduwd. “Playstation, here we come! Bill, ik daag u uit! De verliezer is een meisje.” Pfuh, Georg altijd met zijn domme opmerkingen. Hij weet dat ik niet goed ben in playstation en dat ik altijd verlies tegen hem, Tom of Gustav. Gustav komt achter Georg binnen gelopen. “Hey Billie!” “hoi!” antwoord ik stroefjes. Ik zal Georg eens leren. Hij altijd met zijn domme spelletjes en met zijn domme opmerkingen of grapjes! Ik neem plaats naast Georg en neem de tweede console van Tom over. Onee, racespel! Dees kan ik echt niet goed. Maar vandaag speel ik nog vrij goed. Maar het meisje popt in men gedachten en Georg haalde me in. In de ogen van Nora Waarom had Jonas mij dat aangedaan? Waarom zei hij dat hij van me hield? Waarom kan ik hem niet zomaar vergeten? Ik wil hem vergeten, maar het lukt me niet. De littekens van hetgeen hij mij heeft aangedaan zijn gebleven. Telkens als ik een jongen ontmoet waar ik warm van wordt, komt Jonas weer in mijn gedachten binnengewandeld. Net als bij die andere jongen van aan de fontein, de jongen waar ik het helemaal warm van kreeg toen hij naar me glimlachte. Hij heette Bill, als ik hem goed verstaan had. Ik zat toen weer met mijn gedachten bij Jonas. Hij kwam zomaar weer in men hoofd, zonder dat ik het wilde. Ik wou niets meer te maken hebben met Jonas, niets. Ik lig hier nu al heel lang, maar hoelang precies weet ik niet. Ik heb geen zin om te kijken hoe laat het is. Ik heb in niets zin. Het was wel niet slim van mij om geen trui of vestje mee te nemen, want het is nog fris. Ik blijf liggen en probeer Jonas uit mijn gedachten te halen. In plaats van Jonas komt Bill in men gedachten, zijn hemelse glimlach, zijn glanzende witte tanden, zijn mooi gevormde lippen, zijn bruine kijkers waar je direct voor smelt. Ik krijg het terug warm bij die gedachten. Maar ik besef dat ik hem nooit meer zal zien. Nooit meer zijn mooie glimlach bewonderen, nooit meer… De jongen waar mijn hart weer sneller voor sloeg is weer uit mijn leven verdwenen. De zon gaat onder en bij die gedachte dat alles verdwijn uit mijn leven, alles en iedereen waar ik van hou, viel ik in slaap op het grasplein. Door de ogen van Bill Ik ben weer verloren tegen Georg. Toen hij als winnaar over de eindstreep kwam, steekt hij zijn armen in de lucht als victoriekreet. We hebben nog een paar keer het spel gespeeld. Ik ben, zoals gewoonlijk, altijd verloren. Elf uur. Tijd om te slapen. De jongens slenteren moe naar hun kamer. Morgen hebben we vrij gekregen van David, aangezien ik gezegd heb dat ik me niet goed voel en hij het geloofd moeten we pas overmorgen naar de studio. Ik kan toch moeilijk zeggen dat ik niet gekomen ben omdat ik me zorgen maak over een meisje dat ik niet ken, ik ken zelf haar naam niet. Het meisje! Ik loop naar de deur dat tussen de kamer en het balkon zat. Ik kijk in het rond op zoek naar haar. Het is veel te donker, ik zie niets. Wacht, aan het meertje op het gras lag nog altijd het levensloze lichaam van het meisje. Ik kleed me aan, nam men jas en een dekentje. Het meisje zal vast onderkoeld zijn. Het is echt koud buiten. Ik loop zo hard als ik kon de trappen af omdat de lift te lang duurt. Ik ren naar buiten. Er blaast een frisse wind door men haren. Men ogen tranen van de frisse wind die er heerst. Ik kom aan bij het lichaam. Ik draai het lichaam om en zag het gezicht van het meisje dat ik deze morgen gezien had, maar er was iets met het lichaam. Het straalt geen warmte meer uit, geen licht. Haar lippen zagen al blauw. Ik reik met men hand naar haar wang en streel zacht de haren die op haar gezicht liggen achter haar oren. Ik ril door de aanraking aan haar gezicht. Haar lichaam is onderkoeld. Ik leg het dekentje over haar heen en neem haar in men armen. Ze ligt er maar stil bij, te stil naar men goesting. Ik kom binnen in het hotel. Enkele gedaantes kijken mij aan, maar ik heb alleen oog voor het meisje in men armen. De liftdeuren openen zich langzaam en ik stap in de lift en druk op het knopje om naar de derde verdieping te gaan. Het belletje van de lift toont aan dat we er zijn. Ik probeer met men hand op de deuren van de andere jongens te kloppen maar dat luk niet zo goed aangezien er een lichaam in mijn armen ligt. Na een paar keer op de deur van Gustav te hebben geklopt hoor ik gestommel achter de deur. “Sg, Bill, is dat nu een uur om ons nog wakker te maken? Ik lag bijna te slapen.” Ik heb bewust op de deur van Gustav aangeklopt omdat hij de enige onder ons is die kalm blijft als er iemand hem stoort terwijl hij slaapt. Moest ik bij mijn broer komen, zouden er al lang verwijtende woorden naar mijn hoofd gesmeten zijn en in de ergste gevallen zou ik een paar klappen krijgen. Ik zie zijn verbaasde gezicht toen hij het meisje ziet liggen in mijn armen.”Bill, wie-?“ “Ik leg het je straks wel uit. Maak Georg en Tom wakker en zeg dat ze naar men kamer moeten komen. Breng wel jullie dekens mee!” Gustav knikt alleen en loopt zijn kamer terug in. Toen hij buitenkwam met zijn deken vroeg ik hem of hij even mijn kamerdeur wilde opendoen. Ik loop mijn kamer binnen en leg het beweegloze meisje voorzichtig op mijn bed, zo voorzichtig alsof ze elk moment zou kunnen breken. “Bill, ik hoop dat je een goede reden hebt om ons uit ons bed te halen.” Murmelt Tom half met zijn ogen gesloten. Gustav en Georg kwamen achter Tom mijn kamer binnen. Ze kijken alle 3 niet begrijpend naar het meisjeslichaam dat op mijn bed lag. “Bill, is dat dat meisje da-?” Ik knik alleen maar. Ik neem de dekens over van mijn 3 vrienden en leg ze over het onderkoelde lichaam. “Haalt er iemand een warme waslap en een warmwaterkruik?” Georg rent naar de badkamer. Tom neemt plaats op het uiteinde van mijn bed. Zijn hand reikt naar haar gezicht. “Hoelang zou ze daar gelegen hebben?” “Ik weet het niet precies Tom, maar zo te zien veel te lang!”. “Zouden we niet beter een dokter laten komen?” stelt Gustav voor. Ik kijk Gustav aan, maar ik kon niets uitbrengen. Wat als die dokter haar naar het hospitaal zou sturen. Dan zie ik haar nooit meer terug. Nee, ik wil haar niet nog eens uit het oog verliezen. Mijn broer legt voorzichtig zijn hand op mijn bovenarm. “Ik denk dat Gustav gelijk heeft., Bill. Stel dat er iets ernstigs is?” Ik kijk mijn broertje aan. “Bel jij een dokter Gustav?” hoor ik Tom nog zeggen. Hij verstaat me. We begrijpen elkaar, wij voelen elkaar aan. Ook zonder woorden. Zonder Tom zou ik er niet meer zijn. En ik weet dat als ik er niet zou zijn, Tom ook niet. Wij kunnen niet meer zonder elkaar leven. Wij vullen elkaar perfect aan. Georg komt de kamer binnen gelopen. Ik neem de waslap en de warmwaterkruik over. De hete waslap leg ik voorzichtig op haar voorhoofd en de kruik aan haar voet onder de lakens. “De dokter is onderweg.” vertelde Gustav ons. Ik neem het hete washandje en demp haar ijskoude gezicht ermee in de hoop dat ze wat warmer zou krijgen.*** “Dank u dokter om op dit uur nog te komen!” Ik schud hem de hand. “Is graag gedaan, Bill. En als er iets is moet je maar bellen.” Ik lat de dokter buiten en sluit mijn kamerdeur achter hem dicht. Het meisje moet een paar dagen in bed blijven zodat ze er weer tegen aan kan want momenteel is ze erg zwak en ze zal niet meteen op haar benen kunnen staan. Ze moet haar lichaam eerst helemaal terug opwarmen vooraleer ze naar buiten kon gaan. “Wij gaan slapen h broer!” “Ja, bedankt.” De jongens nemen hun dekens mee en sluipen terug naar hun vertrouwde warme bed. Het meisje is al wat opgewarmd dus heb ik maar 1 deken over haar heen gelegd. Ik trek men broek uit en men shirt en neem plaats in het tweepersoonsbed waar ze al vredig ligt te slapen. Ik kruip wat dichterbij om haar wat meer warmte te bezorgen en staar naar haar mooie gezicht. Haar gezicht heeft al wat meer kleur dan een uur geleden. Ze straalt opnieuw warmte uit. Ze zal voor een paar dagen bij ons moeten blijven tot ze helemaal gerecupereerd zal zijn. Ik zou haar beter leren kennen. Met deze gedachte val ik in slaap naast het meisje waar ik een warm gevoel van krijg.

3. Nora

“TUUT TUUT TUUT TUUT…” Ik reik met men hand naar men nachtkastje om zo die verdomde wekker uit te zetten. Maar… Waar is die wekker. Ik voel helemaal niets, alleen een lamp. Ik heb niet eens een lamp op men nachtkastje. Ik open voorzichtig mijn ogen, maar ze sluiten zich terug door het zonlicht dat door de gordijn kruipt. Ik onderneem nog een poging door een beetje naar beneden te zakken tot ik merk dat de zon niet meer in mijn gezicht schijnt. Ik open mijn helblauwe ogen. “TUUT TUUT TUUT TUUT…” Vanwaar komt dat getuut? Ik zet me rechte en kijk in de kamer rond met verbaasde ogen. Dit is mijn kamer niet. En ook niet de hotelkamer waar ik met Janne verbleef. Nee, daarvoor was er teveel luxe in deze kamer verwerkt. Een tv, playstation, een stereo,… Nee, dit kon zo wl onze hotelkamer niet zijn. Mijn ogen blijven hangen aan de persoon die naast mij ligt. Een persoon met zwart haar. Ik kan zijn of haar gezicht niet zien, want het haar ligt nogal warrig over het gezicht. Het lichaam murmelt. “ik dacht dat ik die verdomde wekker had uitgezet.” Een jongen?! Er ligt een jongen naast mij?! Hoe komt die hier? Nee, hoe kom ik hier? Wie is hij? Alleszins niemand die ik ken, want die jongen spreekt Duits als ik hem goed hoorde want hij knort terwijl hij die woorden uitsprak. De jongen houd zo dus duidelijk niet van vroeg opstaan. Hij slaat op de wekker die op zijn nachtkastje staat, maar stoot die op grond. Jaah, die wekker is dus kapot. “Godverdomme, kutwekker!” Hij rolt op zijn linkerzij zodat hij zijn wekker kan nemen. Zou ik hem een duwtje geven of niet. Nh, zie dat hij nog slechter gehumeurd is. Ik kuch heel subtiel zodat hij zou merken dat ik wakker ben. “Tom! Wat doe jij nou weer hier. We hebben vandaag voor 1 keer vrij en jij komt hier mij weer wakker maken. Leuk hoor!” Hij draait zich om en ik zie eindelijk zijn gezicht. Opnieuw smelt ik door zijn verschijning. Ik dacht dat ik hem nooit meer zou terug zien, en nu ligt hij hier gewoon naast mij in hetzelfde bed. Bill. Hij ziet er ook mooi uit zonder al dat oogschaduw en zo. “Oej, sorry, ik was vergeten dat jij hier ook lag.” Glimlacht hij een beetje verlegen. Ik kijk hem niets wetend van wat er gebeurd was aan. “Weet je wat er gebeurd is?” vroeg hij lief en zacht. Ik schut mijn hoofd. “Weet je echt niets meer?” vroeg hij nog eens. Ik haal mijn beste Duits boven en zei “Het laatste wat ik mij herinner is dat ik in een park in het gras lag..”. Hij knikt. “Ik weet niet hoelang je daar gelegen hebt, maar toen ik je gisteren vond lag je daar al een tijdje. Ik heb de dokter gebeld en je moet een paar dagen je goed warm houden en zoveel mogelijk rusten.” Er heerst stilte. We kijken elkaar een tijdje aan tot het moment verstoord wordt door zacht geklop op de deur. Bill zucht en sleept zich met tegenzin naar de deur. “Hey Bill. Jij bent al wakker?!” “Ja, ik was mijn wekker vergeten uitzetten.” De jongen die ik niet ken lacht zich te pletter. “Ja, kom je nu om mij uit te lachen ofzo?” Bill kan er zo te horen echt niet tegen als iemand hem wakker houd. “Nee, ik kom gewoon even kijken hoe het met het meisje gaat.” Vraagt de jongen nieuwsgierig. “Hy, jij bent ook al wakker. Ik ben Gustav, een goede vriend van Bill.” Hij reikt zijn hand naar mij uit en ik neem zijn hand om hem te begroeten.”En? Hoe voel je je nu?” “Moe!” antwoord ik kortaf op zijn vraag. Hij lijkt geschrokken door mijn reactie. Dat zie dat aan zijn doeningen. Hij kijkt naar Bill om hulp, maar Bill ziet het niet direct want die staat aan de deur. Nee, hij hing aan de deur. Zijn ogen vallen alsmaar toe en hij wiebelt de hele tijd naar voor en naar achter. Die kan ieder moment vallen. “Euhm, ik zal jullie nog wat laten slapen.” “Ja, goed idee!” Roept Bill nogal subtiel. Gustav knipoogt nog eens naar mij en verlaat onze kamer. Bill sluit de deur en opent een blik Cola dat hij uit het kleine ijskastje haalt. “Jij ook wat Cola?” vroeg hij lief. Ik schud mijn hoofd van nee en leg mij terug neer in het bed. ***Door de ogen van Bill Denk ik dat nu maar of is het meisje de hele tijd kortaf tegen mij? Wat heb ik misdaan? Is ze zo omdat ik haar uit dat park heb gehaald? Doet ze zo omdat ik haar van de dood gered heb? Ik weet zelf nog niet eens hoe ze heet. Zou ik het haar vragen? Gisteren aan de fontein wou ze haar naam ook niet vertellen. Ik weet zeker dat ze niet van Duitsland is, dat hoor ik aan haar accent. Ze beheerst de taal wel goed. Je zou zo denken dat ze een Duitse nationaliteit heeft. “Bzzz Bzzz Bzzz” Er trilt iets. Ik loop naar mijn nachtkastje om mijn gsm te checken, maar zonder resultaat. Zou het die van het meisje zijn? Ik loop naar de living van mijn hotelkamer en zoek haar jas door op zoek naar het meisje haar gsm. Ja, gevonden! ‘Ein Nachricht’ toont haar gsm aan. Haar gsm staat in de Duitse taal?! Nu ben ik helemaal in de war. Ik slof naar mijn bed waar het meisje met haar rug naar me toe ligt. Ik neem plaats op mijn bed en leun over haar lichaam heen. Ik leg men hand op haar schouder en schud een beetje. Ze kreunt lichtjes en draait haar om. Haar ogen knijpt ze fijn tot spleetoogjes. “Ik hoorde je gsm trillen.” En ik geef haar gsm. Ze opent de gsm en leest aandachtig het berichtje. Ze klapt haar gsm terug dicht en smijt hem tegen de grond. “Slecht nieuw?” vroeg ik. “Het is mijn vriendin. Ze is ongerust en wil weten waar ik zit of wat er met mij gebeurd is omdat ik niet terugstuur naar haar gsm of opneem als ze belt.” Zegt ze droog. Het is toch normaal dat een vriend of vriendin ongerust is. Waarom stuurt ze dan niet terug. Ik moet het haar vragen. “Waarom stuur je dan niet terug? Je vriendin denkt vast dat er iets ergs gebeurd is, dat jou iets is overkomen.” “Ik wil nu even gewoon niemand meer spreken! Ok!” Waarom is die nu kwaad? Wat heb ik nu weer miszegd? Niets toch? Ze draait zich om en trekt het deken over haar heen. Ik blijf naar het hoopje deken boven haar lichaam staren. Ik laat alle moed zakken en trek mij terug in de badkamer. Ik sluit de deur en zak er langzaam tegen naar beneden. Ik kan ook nooit iets goed doen voor die meiden. Altijd hetzelfde. Je wilt hen helpen, het is niet goed. En als je niet helpt zijn ze pissig. Maar toch kan ek niet kwaad zijn op haar. Ik begrijp haar. Waarschijnlijk heeft ze net een moeilijke periode doorstaan en moet ze daar wat van bekomen. Ik ga voor haar zorgen tot ze beter is en er klaar voor is om haar probleem aan me toe te vertrouwen. Met die gedachte vallen mijn ogen toe. Door de ogen van Nora: Ik draai me voor de zoveelste maal om in het grote, lege bed. Waar blijft Bill nu? Die zit al zeker een uur in de badkamer n ik heb nog geen water horen stromen. Ik ga maar eens gaan kijken. Ik kruip uit het bed. Plots merk ek op dat ik mijn kleren nog aanheb. Ik zal eens vragen aan Bill of hij niets voor mij heeft. Ik druk de klink naar beneden, en duw de deur voorzichtig open. “Wat is hier aan de hand?” hoor ik Bill zeggen. Hij schuift wat vooruit, zodat ik de deur helemaal kan openduwen. “Wat lig jij hier nou op de grond te doen?” “Ik ben in slaap gevallen denk ik!” zegt Bill al blozend. “Zijt ge bang om bij mij te komen liggen toch? Ik bijt niet hoor?” “Neenee, tuurlijk niet, maar ik ben nogal moe.” “Kom, dan gaan we nog wat slapen want ik voel me ook nog niet helemaal actief. Ojaah, Bill, ebt gij nog iets om met te slapen voor mij? Want met je kleren slapen is ook niet echt handig!” glimlach ik. “Mijn t-shirts zijn allemaal smalls, en die spannen nogal. Ik zal eens vragen aan Tom of je een shirt van hem kan lenen.” Ik staar Bill met open mond aan. “Wilt gij zeggen dat ik dik ben? Dat ik niet in een smalleke geraak?” “Nee, dat bedoel ik helemaal niet, ik-“ “Bill, maak je niet zo druk, ik weet heus wat je bedoelt!” lach ik hem toe. Bill glimlacht terug en verlaat de kamer. Na 2 minuten staat Bill terug in zijn kamer mt een XXL shirt van zijn broer Tom. “Hij zegt dat je hem mag hebben, als souvenir!” “Wl, ik zal hem straks bedanken, als ik terug wakker ben!” Ik draai me om en trek mijn shirt uit en doe die van Tom aan. Ik draai me terug om en kruip in het bed waar Bill al in ligt. Ik draai me op men andere zij en zie Bill naar me kijken. Ik kom dichter met mijn lippen bij zen wang. Ik druk ze zachtjes en teder tegen zen kaak aan. “Dank je, voor alles!” “Dat is graag gedaan hoor meid! Ik heb eigenlijk nog een vraag, hoe heet je nu eigenlijk?” Ik kijk in zijn ogen en draai me met mijn rug naar hem toe. Door de ogen van Bill: Nu ligt het meisje van men dromen naast me in mijn bed. Terwijl ze haar lippen op mijn wang plaatst begin ik helemaal te trillen. Duizenden vlinders fladderen in het rond in men buik. Het is zo’n zalig gevoel! Toen ik haar de vraag stel van hoe ze heet, zeg ze geen woord meer en draait zich om. Wat is dit nu? Mag ik niet eens weten hoe ze heet? Ik zucht en druk mijn ogen dicht. “Nora, zo heet ik.” Zegt ze plots. Toch, ik krijg toch nog de naam van het mysterieuze meisje. Nora.. Past helemaal bij haar. Ze lacht naar me. “Biilll?! Ebt gij soms een trui ofzo voor me? Ik heb het namelijk nogal koud.” Hoor ik haar zachtjes fluisteren. “Je mag anders dichter bij me kruipen hoor, ik heb het warm.” Er komt een grijns van op mijn gezicht vn hier tot in Tokio. (humor.. <_<) “Goed geprobeerd Kaulitz.” “Wacht maar tot je mijn broer beter leert kennen.” “Hoezo? Is hij dan zo erg!” “Goh, dat zal je morgen wel merken.” Ze glimlacht en sluit haar ogen. Wat is ze toch mooi als ze wil slapen. Ze straalt zo’n rust uit. Plots voel ik haar lichaam tegen het mijne aangedrukt. “Als je mij geen trui geeft, moet ik wel dichter bij je aankruipen.” Zegt ze terwijl haar ogen gesloten blijven. Ik leg voorzicht mijn hand op haar zij en val zo in slaap. *** De volgend morgen wordt ik wakker door gebonk op mijn deur. Nora ligt nog te slapen. Ik zal maar vlug uit men bed springen voor ze wakker wordt. Ik loop als de bliksem naar de deur. “Wat!” roep ik naar de persoon die me durft wakker maken. Ik heb nogal last van een ochtendhumeur. “Ook goejemorgen Bill, of beter gezegd goejemiddag.” “Oh, Gustav, hoe laat is het toch?” “Het is al 3 uur, en zo nen ganse dag in uw bed liggen is niet gezond.” “Ja, ik zal Nora wakker maken en we zullen dan komen.” Ik sloot de deur en kroop terug in men bed. Ik zal maar beter de gordijnen opendoen of ik val hier terug in slaap. Ik sta al zuchtend terug op en slenter men energieloos lichaam naar het venster. Ik trek met 1 snok de gordijnen open. De felle zon schijnt in men ogen en uit reactie sluit ik ze snel terug. Volgens mij is hier nog eentje verschoten door het gekreun achter me. Ik draai me om en kijk naar het hoopje deken. Ik loop naar het hoopje. “Nora?!” fluister ik zacht. “Mmmhmmm..” Ze draait zich om en opent zachtjes haar ogen. “Goejemorgen prinses!” Ze lacht. “Goejemorgen stoorzender!” “Waarom ben ik nu weer een stoorzender?” “Je stoort mijn droom.” Zei ze. “Ahn, kwam ik daar in voor?” Ze krijgt een geniepige grijns op haar mooie gezicht. “Dan zou het een nachtmerrie zijn!” Zei ze droogjes. Ik kijk haar aan met een geschrokken gezichtsuitdrukking. “Hoh!” Ik open mijn mond en blijf haar aanstaren. Ze kruipt uit bed zodat ze voor me staat en haald met haar vinger naar me uit. Ze plaatst haar zachte wijsvinger op men kin en duwdt die naar boven zodat mijn mond gesloten werd. “Kan ik hier ergens douchen?” Vraagt ze. “Ja, tuurlijk. Ik toon je wel waar alles ligt.” Ik toon haar de weg naar de badkamer. Nadat ik alles had uitgelegd, kruip ik weer even in men bed om nog wat te kunnen slapen. Vannacht was cht hels! Gelukkig heeft de band vandaag vrijgekregen, zo kunnen hebben we eindelijk wat vrije tijd. *** door de ogen van Nora: Bill is echt een schatje. Ik ga hem toch nog leren kennen. Gisteren dacht ik daar nog anders over. Ik dacht dat ik hem nooit meer ging zien, dat hij uit mijn leven was verdwenen. Hij is echt lief voor me. Ik vraag mij af of mijn vrienden mij missen. Ik doe men kleren aan, schmink me en doet men make-up aan zodat ik weer toonbaar ben voor de wereld. Niet dat ik van plan ben om terug naar het hotel te keren, nee, ik moet rusten van de dokter zei Bill. En waar kan ik dat beter doen dan hier bij hm?! Nergens dus. Ik vraag mij alleen af waarom hij in een hotel slaapt, zo helemaal alleen. Ohnee, het is juist, hij had gisteren nog iets gezegd over een broer, Tom denk ik dat hij heet. Ik zal wel zien. Ik open de deur en kom de hotelkamer weer binnen. Ik zucht en kijk naar het bed. Is die nu weer aan het slapen? Wacht maar, die gaat niet lang meer zo liggen. Ik neem een aanloopje en loop, niet te geweldig, naar het bed. Ik stoot me af op de grond, en kom terecht op het hoopje deken met daaronder het mooie lichaam van Bill. “What the hell!” hoor ik onder het deken roepen. Hij is dus wakker. Hij draait zich om zodat ik bijna uit het bed val. Nu lig ik met alleen nog maar mijn voeten in het tweepersoonsbed. “Bill, idioot!” Roep ik naar hem. Hij neemt men hand en trekt me terug met mijn hele lichaam het bed op zodat ik naast hem lig. “Missie geslaagd!” Zeg ik hem fier. “Nora! Doe dat nooit meer, ik schrok me echt dood!” “Dat was dan ook de bedoeling.” Ik zie Bill naar een gsm grijpen op het nachtkastje. “Ik denk dat je een berichtje hebt gekregen.” Hij geeft me de gsm. Ik kijk naar het kleine schermpje. 13 berichten. Nora, Robin, Michiel, Dieter en Enrique zijn me dus niet vergeten. Ik heb van elk wel zeker sms en gekregen n enkele gemiste oproepen. Ze zijn me dus niet vergeten. Ik lees alle berichten op mijn gemak. Ik voel Bill’s ogen op mij branden, maar kijk hem niet aan. Mijn vrienden vragen zich af waar ik ben, wat er is gebeurd en waarom ik niet terug stuur op hun berichtjes. Ik leg mijn gsm terug op het nachtkastje. Ik ga momenteel niet terugsturen. Ik moet eerst alles even op een rijtje zetten. n ik moet rusten, dus…. “Wie is het?” vraagt Bill nieuwschierig. “Niemand.” “Nora, die smsen komen van niet zomaar niemand. Je hebt mega veel smsen gekregen. Volgens mij waren dat je vrienden zich afvragen wat er met je is gebeurt.” “En dan.” Zegt ik kortaf. “Nora, dat is toch normaal dat je vrienden zich ongerust maken. Ze hebben de hele nacht niets van je gehoord. Ben je hier op vakantie ofzo met hen?” “Gaan we eten? Ik heb honger” Ik stel me recht en doe men schoenen aan. Ik wil naar de klink van de deur grijpen, tot iemand me vastgrijpt aan men pols, Bill. “Hy, wacht nu es even. Ik weet niet wat er met je is, waarom je gisteren zo buiten lag, met wie je hier bent, ik weet zelfs niet waarom je zo ineens zo kortaf doet tegen me, maar weet dat ik je kan helpen. Ik zie gewoon aan je dat er iets is, of dat er iets is gebeurd. Ik dwing je niet om het tegen me te zeggen, niet aan een vreemdeling, maar je kan me vertrouwen. Ik ben er voor je, ook al ken ik je niet zo goed, en jij mij niet. Als ik je een goeie raad mag geven, stuur naar je vrienden dat je veilig bent en dat ze zich geen zorgen hoeven te maken. Je moet niet zeggen waar je verblijft, maar om eens te zeggen dat je in goede handen bent, is niet lastig. Zo kan je ze ook even geruststellen. Zie dat ze de politie inschakelen om je te zoeken.” Hij geeft me mijn gsm en loopt buiten zijn hotelkamer. Woow, dit had ik echt niet zien aankomen van Bill, maar hij heeft wel gelijk. Misschien moet ik toch maar sturen. Gewoon om te zeggen dat ik goed terechtgekomen ben en dat ze zich geen zorgen te hoeven maken. Ik zal hen na het eten wel sturen en smijt men gsm terug op het bed. “Bill, wacht op me.” Ik sluit de deur en loop naar de lift. “Heb je al gestuurd?” vroeg hij me. “Neen, ik wil eerst eten, ik ga ze daarna wel sturen. Dank je Bill.” Ik kruip tegen hem aan en neem hem vast. Bill slaat zijn armen om me heen. Ik voel me veilig in zijn armen. Ik kijk hem aan geef hem een zacht kusje op zen wang. Het belletje van de lift gaat en toont aan dat we op gelijkvloers zijn.

4. I'm sorry Jenna!

“Goeiemorgen” zegt Bill met een overdreven grijns op zijn gezicht. De andere 3 jongens aan tafel antwoorden niet, ze mompelen alleen maar wat. Ik zal ook maar eens beleefd doen, dat is het laatste wat ik kan doen, zij hebben vannacht ook voor mij opgestaan en geen seconde van mijn zijde verwijderd geweest tot de dokter weer weg was. “Goeiemorgen.” De 3 hoofden van de jongens heffen zich op zodat ze in recht in mijn ogen kunnen kijken. Ze bekijken me van kop tot teen. Ja, wat wil je, ik heb nog steeds Tom zen shirt aan, omdat ik zelf geen propere meer heb. “MIJN shirt staat jou goed.” Antwoord Tom zo fier als een pauw. “Dank je, en nog eens bedankt dat ik hem mocht lenen.” “Dat is graag gedaan hoor. Ik ben dus Tom, de broer van Bill. Tweelingbroer.” “Wat?! Zijn jullie tweelingen?!” “Jahaa. Eeneiige tweelingen dan nog.” Voegt Bill eraan toe. “Amai, dat zou je ook niet zeggen.” “Ik zal je na het eten enkele foto’s van Tom en mij tonen van toen we nog klein waren.” “Jaah, is goed.” “Ik ben Georg.” “Ik ben Gustav.” “n ik ben Bill.” Bij deze woorden neemt Bill zachtjes mijn hand en plaats zijn zachte, zwoele lippen op de rug van men hand. Hij kijkt me in de ogen en trekt me met zich mee om zo aan te schuiven voor een heerlijk ‘ontbijt’. “Pfuh, aansteller.” Hoor ik nog net goed genoeg Tom zeggen. Er is hier eentje jaloers. *** “Kom, dan zal ik je nu de foto’s laten zien.” Deze woorden spreekt hij uit terwijl hij men hand vastneemt en mij meetrekt richting de lift. Het irritante belgeluidje toont aan dat de lift op het gelijkvloers staat. De deuren openen zich. Drie mensen kijken ons aan n proberen zoveel mogelijk op te schuiven zodat ook wij erbij kunnen. Ik en Bill proberen zich in het klein kotje te duwen. De deuren sluiten zich. Bill drukt op het knopje van het tweede verdiep. Amai, wat is het hierbinnen warm! Zou iedereen het hier zo heet hebben of alleen ik. Wat wil je, ik ben aangedrukt tegen het lijf van Bill. Ik leun tegen het lichaam van Bill aan, maar niet teveel zodat hij het niet zou merken dat ik zijn lijf tegen het mijne wil voelen. Ineens grijpen Bill zijn armen rond mijn middel en trekt mij tegen zich aan. Ik staar naar boven n ben nog geen 10 centimeter van zijn gezicht verwijderd. “Je mag me heus vastnemen hoor.” Hoe weet hij dat? Hoe weet hij dat ik zo graag mijn armen in zijn nek willen plaatsen? Dat ik hem wil voelen? Ken hij mijn gedachten lezen? Ik leg mijn armen in zijn nek waardoor hij me steviger vastneemt en we zo verwikkeld geraken in een knuffel. Ik voel de ogen van de 3 andere passagiers hier in de lift op mijn rug branden, maar ik trek mij daar niets van aan. Dat o zo irritante belletje stoort ons innig moment. Tweede verdieping. Bill laat mij eerst uit de lift stappen, waarna hij zich achter mij plaatst en volgt mij naar zijn hotelkamer. Eenmaal binnen, loopt hij naar het kleine kastje naast het tweepersoonsbed. Daaruit haalt hij een bruin fotoalbum uit waar opstaat ‘Kaulitz tweeling Bill en Tom’. We nemen beiden plaats op het bed. Bill draait de kaft om n al meteen zie een foto met Bill, Tom n hun mama. “Is dat jullie moeder?” Vraag ik. Jaah, duuh! Wat voor een stomme vraag stel ik nu weeral? Tuurlijk is dat hun moeder, anders zou die vrouw niet op de foto staan mt de tweeling in haar armen. “Ja, dat is onze moeder.” Antwoord Bill op mijn o-zo-domme vraag. *** Na een half uur bekijken van foto’s van Bill, Tom n de rest van zijn familie, stelt Bill zich recht n legt het album terug waar het thuishoort. Meteen daarna loopt hij naar het nachtkastje en grijpt naar mijn gsm. Hij reikt zijn hand met men gsm naar mij uit. Ik kijk naar de gsm, waarna naar hem. Zijn ogen schitteren in het zonlicht dat door de ruit schijnt. “Je hebt het beloofd Nora.” Bill smeekt mij bijna om een sms naar Jenna te sturen. Ik twijfel. Stel dat ze me belt en dat ze me vragen begint te stellen. Wat moet ik haar dan zeggen? ‘Hy Jenna, ja ik ben blijven slapen bij Bill, een Duitsen gast. Ik kom pas volgende week terug naar Belgi want ik amuzeer me te pletter.?’ Neeh, ik wil niet dat ze zich vragen ga beginnen stellen, dat ze achter me komt. Trouwens, de dokter heeft tegen Bill gezegd dat ik moet rusten, dus, ik mag niet buiten! Hij ziet mij twijfelen. Hij ziet mij nadenken. “Waar denk je aan?” vraagt hij me. “Ik weet niet, als ik haar sms, zal ze zeker bellen en allerlei vragen stellen, n dan gaat ze mij komen halen, maar ik..” Een stilte breekt door de kamer. “Jaa..” “Ik wil hier niet weg Bill, ik wil niet terug.” Ik zie het cht niet zitten om terug te keren naar het hotel, naar mijn klasgenote, naar mijn vrienden. Ik ga anders weer de hele week lopen piekeren en denken aan Jonas. Jonas. Waarom?! Waarom heeft hij me dit aangedaan. Nee! Ik mag nu niet aan Jonas denken, niet nu. Want ik weet dat als ik aan di klootzak denk, dat ik weer ga huilen en dingen ga doen waar ik later spijt van ga krijgen. Ik pink een traan weg. Bill legt de gsm terug op het nachtkastje en neemt terug plaats op het bed naast me. Hij neemt zen mouw en veegt men traan van mijn wang. Hij kijkt me aan. Nu zitten we daar, elkaar starend in elkaars ogen op het bed van Bill. In de kamer is het stil. Zo stil dat ik mensen hoor praten van 2 kamers hiernaast. Het is geen kwellende stilte, maar een stilte waar ik kan van genieten. Ja, ik ben een luidruchtige, lawaaierige, sociale type maar ik kan ook geniet van stilte. Daarmee dat ik vaak in het park zit. Ik heb zo een vaste stek in het park. Dan zit ik daar en kom ik tot rust. Bill opent zijn mond en wil iets zeggen. Maar in plaats van iets te zeggen trekt hij me naar zich toe en knuffelt me. Hij houd me zo stevig vast om ervoor te zorgen dat ik nergens heen kan lopen, dat ik voor altijd aan hem vastgeketend zit. Hij maakt zich van me los en neemt men beide handen vast. “Ik ga je niet dwingen om het te vertellen. Jij laat mij maar weten als je er klaar voor bent.” Ik laat mijn hoofd zakken en kijk naar onze handen. Hij maakt zijn rechterhand los en tilt daarmee mijn hoofd terug op zodat ik in zijn ogen kijk. “Ik ben er voor je meid!.” Bij deze woorden geef ik hem een kus op zijn wang. “Dank je.” Ik grijp naar mijn gsm op het nachtkastje en begin te typen aan het smsje dat aan Jenna gericht is. Lieve Jenna, Nora hier. Ik weet dat ik sinds gisteren niets meer van mij heb laten horen, dat ik niet op u en the other guys hun smsen en telefoontjes heb geantwoord. Sorry daarvoor, ik stuur ook om gewoon te laten weten dat alles met me in orde is, dat je je zich geen zorgen meer over mij hoeft te maken. Ik ben in goede handen. Je zal mij enkele dagen niet zien, niemand van de hele klas zal mij zien. Ik ga mijn spullen komen ophalen als je het niet verwacht. Ik heb even tijd nodig voor mezelf. Ik hoop dat je me begrijpt. Ik hou van je, vergeet dat niet. Doe de groetjes aan de jonges! Hvj <33 Opties, verzenden, contact zoeken, Jenna, verzenden. Nu wachten op het ontvangstberichtje, maar die zal er wel rap aankomen. Ik ken Jenna goed genoeg om te weten dat ze met haar gsm in aantocht zit tot ze een sms van mij terug krijgt. Bericht is verzonden aan Jenna. n nu hopen dat ze me niet gaat bellen, want ik heb niet veel zin om alles te moeten uitleggen. Ik kijk Bill aan. “Ik heb het verstuurd.” Ik kijk terug bij mijn verzonden items en vertaal het berichtje in het Duits voor Bill. Hij luistert aandachtig naar elk woord dat over mijn lippen rolt. “Ik denk dat je wel een woordje uitleg zal mogen geven als je haar terugziet.” “Niet alleen aan haar, ook aan mijn leerkracht.” “Je leerkracht?” Vraagt Bill. “Jaah, ik heb je denk ik nog niet verteld waarom ik hier in Duitsland zit, en waarom.” “Ja, ik hoor aan je uitspraak en stem dat je van een ander land bent. En als ik goed gok, kom je van Nederland.” “Belgi! Mispoes! Nee, wl sjiek dat je weet dat het Nederlands is dat ik normaal spreek.” “Ja, ik spreek ook enkele woordjes Nederlands hoor!” zegt em zo fier als een pauw. “Hallo, goe gaat git? Iek bin Bill und won in Magdeburg.” Ik giechel bij de uitspraak van Bill, zo schattig! “Amai, dat kom je niet veel tegen dat Duitsers Nederlands kunnen spreken.” Midden in het begin van ons gesprek begint mijn gsm te trillen. Ik kijk naar mijn gsm en zie de naam ‘Jenna’ erop verschijnen. Ik kijk Bill vragend aan. Wat moet ik nu doen? Opnemen of niet?! “Waarom neem je niet op? Je hoeft niet te zeggen waar je verblijft. Als ze weet dat alles ok met je is, zal ze al blij zijn.” Ik neem mijn gsm en druk op het rode telefoontje. “Haaah!” Bill slaakt een kreetje uit waardoor ik in een lachbui schiet. “Ik zal haar vandenavond wl eens bellen, kheb er nu niet zoveel behoefte aan.” Bill kijkt me nog steeds aan waardoor ik weer in de lach schiet. “Wat?!” vraagt hij met zo een pruillipje. Ja, dank u Bill! Nu zit de deze wr met de slappe lach. n volgens mij kan Bill er niet zo goed tegen omdat zijn hand vliegensvlug naar een kussen grijpt op het bed. Ik krijg een heuse klap op mijn gezicht, waardoor ik naar achter val op het bed. Nog enkele centimeters en ik lig op het vloertapijt. Ik grijp ook naar een kussen en neem revenge. Bill verschiet waardoor hij nu nog sneller en harder begint te slaan. De laatste klap die hij me gaf was fataal. Ik graak mijn evenwicht kwijt en val zo naar achter en beland op het tapijt. Maar met mijn reflex vermogen heb ik hem nog net bij zen arm kunnen grijpen waardoor hij ook valt. Bovenop mij natuurlijk. Daar liggen we dan. Allebei met de slappe lach op een hoopje op de grond. Door de ogen van Bill: Ze is zo mooi als ze lacht. Haar tanden zijn sneeuwwit, haar lippen zijn mooi gevormd, haar mondhoeken zijn gelijk. Alles is gewoon perfect aan haar. Ik heb me nog nooit zo goed gevoeld bij een meisje als bij Nora. Zo lang ken ik haar nog niet, maar ik weet nu al dat als we op Europa-tour zijn in de buurt van oktober-november dat we gaan contact blijven houden. All, van mijn kant gaat het zeker zo komen. Als ze nu al twee minuten naar het toilet is, mis ik haar al. Ik weet geen raad meer met mijn gevoelens. n ding weet ik zeker, ik ga mijn gevoelens niet lang meer kunnen onderdrukken. Nora heeft nogal reflexen, want die had ik niet zien aankomen. Uit verschiet belandt ik bovenop haar n liggen we allebei met de slappe lach. Ik hef mijn hoofd op zodat ik naar boven, haar gezicht, kijk. Onze ogen vinden elkaar, en blijven verwikkeld. Zo liggen we daar enkele minuten, gewoon elkaar is voldoende, en daar zijn geen woorden voor nodig. Ik begrijp haar, ik kan me voorstellen hoe ze zich nu voelt. Niet weten wat ze moet doen, volledig verslagen. De stilte wordt verbroken door geklop op de deur. Ze zucht en duwt me van haar af, zodat zij nu bovenop mij beland. “Euhm, nu kan ik wel de deur niet meer opendoen h!” “Dat weet ik.” Ze bekijkt me met zo een typische Tom-grijns aan en trekt haar rechterwenkbrauw op. “Bill, doe eens open?!” Njaah, mijn tweelingbroer moest dit moment maar wr eens verstoren. Typisch. “Ik wil wel, maar ik kan niet.” “Waarom niet?” “Omdat ik op Bill lig en ik ga hem niet loslaten voor hij zich overgeeft.” Ik hoor een kreet in de gang. “Pfaah, wat heeft mijn ontdeugend broerke nu weer uitgestoken.””Niets” antwoord ik op zen vraag terwijl Nora mij in een pijnlijke greep vastneemt.” “Waar heb jij dat geleert?” “Judo!” Ik staar haar met grote ogen aan. “Zijn er nog zo dingen dat ik niet weet van je?!” “Jaah! Je weet zker nog niet alles over mij.” Nu richt ze zich terug tot Tom “Hij heeft mij bont en blauw geslaan mt een kussen n mij dan nog eens van het bed laten vallen.” “Doe dan eerst die deur open, jullie kunnen daarna wel verder doen met flikflooien!” Nora kruipt van me af en loopt snel naar de deur, doet ze open en snelt terug naar mij. Ik stond al op mijn handen en knien om recht te komen, maar was juist te laat. Nora komt aangerend en klimt op men rug. “Nora, ga van me af. Ik ben geen paard hoor.” “Je mag wel op mijn rug zitten hoor Nora!” hoor ik men broer zeggen. “Typisch!” fluister ik zodat alleen Nora het kon horen die natuurlijk weer in een lachbui terecht is gekomen bij het zien van mijn gezicht. Nu is het moment. Ik hef mijn handen op zodat ik alleen nog maar steun op mijn knien. Waarna Nora achterover valt. Ze ligt nu met haar rug op de grond n lacht nu nog harder dan daarnet. Nu is het mijn beurt. Ik kruip op handen en voeten naar haar en nestel me bovenop haar, neem haar polsen en drukt die op de grond. “Ghaha! Nu gij! Geef je over.” “Nooit!” roept ze overdreven uit alsof ik haar vijand ben. “Ik ga nog liever dood!” spreekt ze uit. “Geen zorgen prinses, ik red je uit de handen van dat beest.” Ohnee, Tom moet weer de macho spelen. Tom neemt me bij men armen en trekt me achteruit. Tom loopt terug naar Nora, biedt haar zijn hand aan en trekt ze recht naar zich toe. “Nu is het jou beurt om iets terug te doen, mijn prinses.” Volgens mij weet Nora waar Tom naartoe wil gaan, en loopt naar me toe. “Je hebt hem pijn gedaan!” schreeuwt ze theatraal uit. “Ik zal je wonden genezen met mijn magische lippen!” Ze geeft een kusje op mijn rechterpols, gaat zo naar mijn bovenarm en komt terecht op mijn wang. Nu liggen we daar alledrie plat van het lachen. Opeens trilt Nora haar gsm op het nachtkastje. Ze snelt naar haar gsm en kijkt op haar display waarna ze naar mij kijkt. Door de ogen van Nora: Ik kijk naar Bill. Wat moet ik nu doen? Zou ik opnemen? Of gewoon afleggen? Tom kijkt ons aan en ziet dat we alleen willen zijn. “Komen jullie binnen vijf minuten naar beneden? We gaan naar de cinema.” n Tom sluit de deur achter zich. Ik kijk terug naar Bill. “Het is Jenna.” “Neem dan op Nora. Je hoeft niet te twijfelen. Ze wil zeker weten of alles goed gaat met jou, nadat ze jou stem gehoord heeft zal ze al wat gerustgestelder zijn.” Antwoordt hij op mijn ongestelde vraag. Wij voelen elkaar perfect aan. Hij weet hoe ik me voel op dit moment. Ik druk op de toets met het groene telefoontje en houd men gsm aan mijn oor. “Nora! Ben jij het? Alles goed met je? Waar ben je? Waarom heb je niet iets vroeger laten weten?” “Rustig Jenna, alles is goed met me! cht waar.” “Waar ben je?” “Euhm.. ik..” Wat moet ik nu zeggen. Ze zal me zeker komen halen als ik zeg dat ik dit hotel zit. Ik begin terug Duits te praten tegen Bill en houd mijn gsm op de hoorn. “Bill, ze wat moet ik zeggen? Ze wil weten waar ik verblijf.” “Zeg gewoon dat je veilig bent, dat niets je kan gebeuren, n dat je even alleen wil zijn.” Ik glimlach naar hem en druk mijn flashy rode gsm tegen men oor. “Sorry, dat kan ik niet zeggen Jenna, ik moet alles even op een rijtje zetten. Alleen. Ik moet even alleen zijn.” “Maar wat is er gebeurt meid?” “Dat zal ik wel allemaal uitleggen als ik je terug zie.” “Wanneer zie ik je dan terug?” Ze mist me! Dat ik hoor ik aan de gebroken stem aan de andere kant van de lijn. “Dat weet ik niet meisj. Als ik eraan toe ben om alles terug onder ogen te komen.” Het blijft stil. “Het spijt me Jenna!” “Je hoeft geen spijt te hebben. Ik versta je. Je hebt al heel wat meegemaakt h de laatste tijd. Ik begrijp je.” “Jawl, het spijt me cht. Ik heb spijt omdat ik mijn belofte niet nakom. De belofte die we hebben afgesloten toen we onze hotelkamer voor het eerst binnenkwamen. Ik heb beloofd dat wij samen avonturen gaan beleven. Dit moest een topweek voor ons allebei zijn, maar ik moet je teleurstellen.” “Hy, Nora, het is ok hoor.” Opeens wordt de lijn verbroken. Wat is dat nu? Heeft ze zomaar afgelegd? Zou ze kwaad zijn op me? Nee, Jenna kan niet kwaad zijn op haar. Zij ook niet op mij. We hebben af en toe wel een meningsverschil, maar lang vies kunnen we niet zijn op elkaar. Na enkele seconden liggen we met de slappe lach. “n? Hoe heeft ze gereageerd?” vraagt Bill me. “Ze zij dat ze me begrijpt.” “Zie je wel! Ik heb het je toch gezegd.” Bill kijkt me aan met een glimlach waardoor er ook n rond mijn lippen verschijnt. Ik loop naar hem toe en omhels hem, ik leg mijn handen in zijn nek en neem hem stevig vast. Hij twijfelt even, maar legt toch zijn armen rond mijn heupen. Hij trekt me dichter tegen zich aan. Ik voel de warmte van zijn lichaam door zijn shirt op de mijn lichaam branden. Wat loopt die jongen toch maar weer heet. Hij kijkt me aan. “Kom, we gaan naar beneden. Tom wacht op ons.” “Waar gaan we heen dan.” Vraag ik aan de persoon die nog geen tien centimeter van mijn gezicht verwijderd is met de zijne. “Filmke kijken in de bioscoop.” Hij lacht en trekt me mee. Ik sluit de deur achter me aan toe. Ik denk dat er een nieuw hoofdstuk voor mij zal opengaan.

Poll

Moetk verdr gaan?

Bekijk de resultaten

Door Eline i.s.m justmelivinginmyownworldoffantasie.startspot.nl
Hosting en scripting door: MPlay.nl
Er staan 6 links op deze pagina.
Opmerkingen of suggesties?